Inleiding

Gnosis, (gnostiek of gnosticisme) is op vele manieren te benaderen. Bijvoorbeeld de religieuze ontwikkeling vanaf de wortels in het Hermetisme in het oude Perzië via de Katharen en Manicheïsme naar de huidige opleving. Hele boekenkasten zij er over volgeschreven. Daar zal ik het dus nauwelijks over hebben. Uit dit bouwstuk mag blijken, dat ik sterk gegrepen ben door het vrijheidsdenken dat als ondertoon in gnosis aanwezig is. Twee dingen staan aan het beginpunt van mijn belangstelling: In de eerste plaats, toen ik jaren geleden in Béziers hoorde over de gruwelijke moordpartij op de Katharen en mij afvroeg wat daar dan wel de aanleiding voor was, en in de tweede plaats toen ik een boek las wat beschreef, dat bijbelteksten een soort tweede en soms derde betekenislaag hebben.(De Nieuwe Mens, Maurice Nicoll) Een belangrijke extra duw kreeg ik recent door het boek “Schatgraven in Nag Hammadi” van Bram Moerland, waar ik straks wat meer over zal zeggen.

Wat is Gnosis of Gnostiek

Het onderwerp vanavond is dus gnosis of (wat hetzelfde is) gnostiek. Het is een onderwerp,dat mij bijzonder na aan het hart ligt. Maar ik heb er toch grote moeite mee om te verwoorden, wat mij er zo in raakt. Het heeft in ieder geval te maken met “Ken U Zelf”, met geestelijke onafhankelijkheid. Ik weet eigenlijk niet of iedereen het begrip gnosis of gnostiek meteen weet te plaatsen. Het is, wat de belangrijke gnosis-kenner Prof Quispel, noemde “De Kennisse des Harten”. Valentinus (ca. 130 n.C) sprak van “de vrucht van de levende Godsvonk”. Het woord gnosis heeft dezelfde woordstam als het Engelse ‘to know’. Je vindt het ook in dia-gnose, para-gnose, pro-gnose etc. Gnosis wordt ook wel omschreven als een ‘bevrijdend weten’. Het is meer een soort heldervoelendheid dan feitenkennis. Gnosis legt ook de verantwoordelijkheid voor het eigen heil bij ieder mens. Gnosis gaat over geestelijke vrijheid. Het in vrijheid kunnen en mogen geloven, niet door het onder sociale controle of druk nadoen en napraten wat ánderen al bedacht hebben. Niet impliciet of expliciet aan macht onderworpen zijn. U kunt zich voorstellen, dat zo’n vrijheidsdrang tot conflicten moet hebben geleid.

Hoewel Gnosis ook al in voorchristelijke tijden bestond (o.a.Zaratustra), heeft het toch vooral betrekking op de eerste eeuwen na Christus. Tijdens het Concilie van Nicea in 325 werden Evangeliën, toegeschreven aan meerdere apostelen, selectief opgenomen in de huidige Bijbel, de Canon. Andere, die niet zo goed pasten in de ideeën van de toenmalige kerkvaders, werden verboden en gingen min of meer ondergronds. Waar het de kop weer opstak werd het stelselmatig op bestiale wijze uitgeroeid. Pas in de laatste 50 jaar begint er weer een vruchtbare bodem te ontstaan zonder levensdreiging.

Een belangrijk geschilpunt is dat de kerk benadrukt: de fundamentele zondigheid van de mens. Augustinus bewijst in de 4e eeuw, dat kinderen bij de geboorte al door en door zondig zijn! Zo’n mens heeft dus sturing en tucht nodig. Hij riep dan ook: “Dwing hen om binnen te gaan in het Koninkrijk der Hemelen”. Dus, neem de zogenaamde gelovigen in de houdgreep en sleep ze er naartoe. En als ze dan nog niet willen, hebben ze de dood aan zichzelf te danken. Het klinkt als de latere rechtvaardiging van de moorden door de Inquisitie.

De gnostici daarentegen gaan uit van de fundamentele goedheid van de mens en hebben dus vertrouwen in de medemens. Gnosis maakt de mens vrij van het keurslijf en het rolmodel, dat wordt opgelegd door b.v. de kerk. Maar niet allèèn de kerk. Overal waar de mens geacht wordt te denken en te handelen volgens voorgeschreven codes, is hij een geestelijke slaaf. Als je geacht wordt, te spreken en je te kleden op een voorgeschreven manier, of (iets heel anders) besneden bent, ben je vastgeklonken aan de heersende groep en dus niet geestelijk vrij meer. Uit het voorgaande blijkt wel, dat gnosis niet makkelijk te vangen is onder één noemer. Bovendien is gnostiek een in de tijd veranderend begrip.

Historie

In 1945 werd bij Nag Hammadi niet ver van Luxor in Midden Egypte een kruik ontdekt, waarvan de inhoud de christelijke wereld op zijn grondvesten deed trillen. Er zaten geschriften in uit de tijd, kort na de dood van Jezus, waarschijnlijk verborgen door monniken die ze wilden beschermen tegen de nietsontziende zuiveringsacties van de zich vormende orthodox christelijke kerk. Er zijn mensen, die beweren, dat het feit, dat ze nu pas gevonden zijn, zo was bestierd omdat nu pas de wereld rijp en vrij genoeg is voor deze gedachten, voor een nieuwe gnostiek. In de oudheid vormden de gnostici een uiterst pluriform gezelschap, zeer ongrijpbaar voor de groeiende kerk, maar tekenend voor de vrijheid van de gnostici. De toenmalige kerk voerde tegelijkertijd ook al een existentieel gevecht met een andere en verwante concurrent, de Mithras-godsdienst (waar ik eigenlijk eerst een bouwstuk over had willen houden, maar dat houden jullie dan nog tegoed). De gevonden geschriften is men evangeliën gaan noemen, zoals het evangelie van Thomas, van Filippus, van Maria Magdalena, het evangelie van de waarheid en allerlei openbaringsteksten. Daarnaast nog geschriften over 13 handschriften met 52 titels. Om maar meteen een mogelijk misverstand te voorkomen: het zijn geen nieuwe kerstverhalen. Evangelie betekent hier alleen “blijde boodschap” Wat zat er dan wel voor wereldschokkends in die kruik? Er zaten door tijdgenoten genoteerde woorden van Jezus in, waarin hij iedereen oproept om zelfstandig en onafhankelijk zoeker en denker te worden en zich niet te laten leiden door datgene, wat anderen bedacht hebben.

Daarin zit ook een deel van mijn weerstand tegen allerhande filosofen.

Het belangrijkste geschrift in de kruik is het evangelie van Thomas, een belangrijk gnostisch geschrift met een geheel andere toonzetting dan de 4 canonieke evangeliën. Niet alleen voor de Koptische christenen in Midden-Egypte waren deze woorden een leidraad, ook de monniken in Syrië en later de Katharen in Zuid-Frankrijk en tot op zekere hoogte de Bogomielen op de Balkan probeerden naar die woorden te leven. Voor een hiërarchische kerk is het een dodelijk gezwel om zelfstandig denkende leden te hebben. Die moesten dus met wortel en tak worden uitgeroeid. En zo gebeurde. Gruwelijke moordpartijen waren het gevolg.

Het Belang van Gnosis

Wat houdt Gnosis dan (zo ongeveer) in? Gnostiek was eigenlijk het oorspronkelijke en pure verzet tegen elk “god denken”, dat zich verbindt met machtsuitoefening. Dit maakt wellicht de rol duidelijk van de historische Jezus in de tempel. Deze verwierp iedere macht met uitzondering van die van het leven (“Ik ben het woord, de waarheid en het leven”) De strijd om de religieuze macht werd, na de inkapseling van de gnostische filosoof Jezus in de katholieke religie, beslecht in Nicea in 325, toen de gnostici tot ketters werden verklaard en ook de Griekse filosofie met haar voorkeur voor een innerlijke, bevrijdende dialoog, tot een wereldse zonde werd verklaard, hoewel de kerkvaders er wel gebruik van maakten om er hun theologisch-politieke draai aan te geven. Heel bijzonder vind ik, dat op dat concilie de Canon, oftewel de Bijbel in zijn huidige vorm, werd vastgesteld en dat daarin een naadloze overgang van OT naar NT werd geconstrueerd en opgelegd met een angstaanjagend oudtestamentisch godsbeeld, terwijl Jezus volgens Thomas juist een volledige breuk met het oudtestamentische godsbeeld propageerde. Logion 47: Gij zult geen twee heren dienen” en “giet geen jonge wijn in oude zakken”, daarmee zeggende, dat de nieuwe leer niet past in de oude structuren. Jezus, die ook besnijdenis en vasten afwees. En over het vasten zei hij “want wat je mond ingaat zal jullie niet onrein maken, maar wat jullie mond uitgaat---dat zal jullie onrein maken” (L4). Ook hiërarchische structuren wees hij af. Hij zegt ondermeer: “Het Koninkrijk is binnenin jullie en buiten jullie” (L3) Daar heb je geen geleiders bij nodig, maar je moet wel op zoek gaan. Want hij zegt “Wordt voorbijgangers” L42 Ga zelf op zoek.

In de christelijk kerk is er een onoverbrugbare afstand tussen god en de mens, maar in de gnostiek zijn we rechtstreeks verbonden met de bron. (Schatgr.i.NH120) De gnostici zien de slang uit het paradijsverhaal (de Ouroubouros) als de grote tegenstander van de God der Joden. Deze God had de boom der kennis van goed en kwaad tot taboe gemaakt, afgunstig als hij is. Die stamgod der Joden wordt in de gnosis gezien als de heer van het kwaad, de god van de wraak, de Demiourgos, de Demiurg, die met enige exegese de maçonnieke Opperbouwmeester des Heelals zou kunnen zijn. In het evangelie van Thomas wijst Jezus die god pertinent af (logion 47) De slang gaf Adam en Eva de goede raad om te eten van de boom van kennis, de boom van de gnosis (Schippers 54). Eva en de slang worden eigenlijk en eindelijk volledig gerehabiliteerd.

Interessant is ook dat in de gnostiek ‘dood zijn’ beschouwd wordt als de situatie waarin iemand verkeert in duisternis. Hem ontbreekt het inzicht. Het opstaan of opgericht worden uit de dood is het moment dat men tot diep inzicht is gekomen. Dat is ook wat gebeurt als Jezus wonderen verricht en (de zogenaamde) doden tot leven wekt. Uiteraard heeft de Vrijmetselarij niet het alleenrecht op het “Ken U Zelf”, Jezus predikt het heel nadrukkelijk, specifiek in het Evangelie van Thomas, maar ook de Grieken kenden het natuurlijk al. Jezus is trouwens niet de enige die dat verkondigt: lang voor hem heeft de Boeddha al verkondigd, dat zijn volgelingen hun eigen Licht moeten zijn, dat ze het antwoord nooit buiten zichzelf moeten zoeken. Hij (Gautama), de Buddha dus, zei: “Geloof nooit iets alleen omdat het je verteld wordt of omdat iedereen het gelooft. Hecht ook geen geloof aan wat je leraar je vertelt alleen omdat hij je leraar is, maar geloof pas iets, als je zelf, na grondig onderzoek en analyse, tot de conclusie bent gekomen, dat jouw inzichten voor jou zelf de juiste zijn.

Ik denk, dat Gnosis een basis zal vormen voor een convergerend denken over wereldvrede. Die kansen zijn beter dan ooit, omdat tegenwoordig mensen van alle delen van de wereld kunnen communiceren met elkaar zonder de censuur van de overheid. Op Internet kan ik zo in seconden een tekst vertalen in b.v. het Koreaans. Nog lang niet feilloos, maar dat is een kwestie van tijd. Dat verbetert het onderlinge vertrouwen en begrip. Met gnostische ideeën als basis wordt een dialoog al veel makkelijker. Je zit dan redelijk snel met b.v. Boeddhisten op één lijn. Gnosis kan als een soort geestelijk Esperanto worden.

Boek “Schatgraven in Nag Hammadi”

Hoewel ik inmiddels een paar kilo Gnosis in huis heb,was voor mij het boek “Schatgraven in Nag Hammadi” een soort verlossend woord. Na alle wijdlopige teksten was dit eindelijk een boek door Bram Moerland, een schrijver, die het echt begrepen heeft en het daarom bondig kan vertellen. 180 pagina’s is tegenwoordig een dun boek. Het is ook niet zo duur. Het is een boek, dat ik iedereen kan aanbevelen, die iets naders over gnosis wil weten. En als eenmaal de belangstelling is gewekt, komt de rest vanzelf. Zijn volgende boek over het Thomas-evangelie gaat dieper op het onderwerp in.

Gnostische Vrijmetselarij

In ons rituaal van het Winter St.Jan staat, dat het zoeken naar Waarheid niet slechts studie is, maar vooral een poging om het diepste wezen van de mens tot uitdrukking te brengen. Dat wijst in de richting van gnostiek. Het is in ieder geval geen formulering die aan kerkelijke leerstelligheid ontsproten is. De Vrijmetselarij lijkt een soort tussenpositie in te nemen tussen gnostiek en christelijke religies. Niet alleen de oproep tot Zelfkennis, maar ook “onze” kerntekst uit Johannes, die getuigt van het Licht. Johannes spreekt hier kennelijk over hetzelfde Goddelijke licht, waarover Gnostische teksten spreken. Voor zover ik heb kunnen nagaan wordt alleen in het bijbelse dus canonieke evangelie van Johannes gesproken over “Het Licht” Voor mijzelf vind ik het een soort maçonnieke ontdekking, namelijk: Waarom de VMij deze tekst tot zijn centrale thema heeft gekozen.

Ik denk dat de VMij destijds moest vermijden om niet helemaal verketterd te worden. Daarom moesten de uitingsvormen natuurlijk wel binnen de geaccepteerde bijbellezing blijven. Tegelijk had ze de behoefte om afstand te nemen van de kerkelijke dwang, dus om ruimte te maken, waarin ook vrijdenkers zich zouden kunnen vinden. De tekst van Johannes I komt binnen de toegestane teksten van de Bijbel nog het dichtst bij het gnostieke denken, zonder dat de samenstellers in aanvaring zouden kunnen komen met de kerkelijke autoriteiten. Zonder dat ze zouden worden beschuldigd van ketterij of heidendom. Zoals U weet is de RK kerk daar toch niet “ingetrapt”, blijkens de pauselijke ban die wel schoorvoetend deels is opgeheven, maar waar Papa-Ratzi(nger) nu weer van terug lijkt te komen. Voor mij is de kern: Het gaat over de eenling, over de zoeker. Daarmee lijkt de werkwijze van de VM door zijn groepsvorming met vaste vormen en ritualen eigenlijk een beetje strijdig met gnostieke ideeën. Maar, een mens kan niet leven als eenling. Hij zoekt een groep gelijkgestemden, met het risico om weer gevangen te raken in keurslijven en zijn vrijheid van denken toch te verliezen. De maçonnieke keuze voor de Johannes-tekst is een voorbeeld van het zoeken naar een uitweg. Het is interessant dat ook de Katharen de voorkeur gaven aan het Evangelie van Johannes. Ik denk dat het algemener is, meer iets, dat van binnen gevoeld wordt dan dat het exact beschreven kan worden. Gnosis heeft te maken met een soort introverte zekerheid: Dat iets binnen in jou direct verbonden is met het Goddelijke. Dat kleine stukje God waar Toon Hermans het in een van zijn gedichten over heeft. Voor mij persoonlijk heeft Gnosis een bredere basis, omdat het veel te maken heeft met de totale samenhang van alle dingen, bezield of niet. Dat zie je langzamerhand ook in de wetenschap.

Nadat de wetenschap vanaf Descartes in de 17e eeuw een volledig rationele vivisectie pleegde op alles wat zichtbaar is, begint er nu meer oog te komen voor de vraag hoe dingen in het grote geheel samenhangen. Rene Descartes (1596-1650). Frans filosoof die door zijn manier van denken onderscheid aanbracht tussen lichaam en ziel. Hij ging uit van de gedachte dat alles wat je niet kon bewijzen in twijfel getrokken diende te worden. Zijn uitspraak ""cogito ergo sum", wat betekent "ik denk dus ik besta", is wereldberoemd.

Wat heeft het mij gebracht

Voor mijzelf is Gnosis of gnostiek van essentieel belang, omdat het ongeveer aanduidt wat ik geloof. Zoals ik denk, dat onze bestaanswereld in elkaar zit. Het is voor mij een sluitend verhaal, wat mij de nodige zielenrust geeft en door zijn ruimte een plaats kan geven aan veel verschijnselen en roerselen in en om mij heen. Gnosis heeft voor mij vooral de bevestiging gebracht, dat je het in jezelf moet zoeken. Dus:

“Op Mij komt het aan”. Als je dat zegt, met het bijbehorende gebaar van wijzen op mijzelf, voelt dat heel anders dan “Op U komt het aan”. Probeer het maar,

Ik weet natuurlijk inmiddels zelf niet meer, wat ik over gnosis aangereikt heb gekregen en wat ik zelf door eigen introspectie heb toegevoegd. Het is ook niet meer zo belangrijk, het hele ‘construct’ geeft mij veel houvast in het leven en dus rust. Mijn eigen ervaringen hebben voor mij de kracht van bewijs. Het totaal heb ik zodanig verinnerlijkt, dat het iets van mij is geworden. En het lezen erover geeft mij vooral een bevestiging van wat ik al wist. De strekking van gnostische teksten in het algemeen is: “Wie kennis van de waarheid bezit, is een vrij mens” (Ev.v.Filippus) Immers, als God in jou is , ben je zelf ook een beetje God en dat is de opperste vrijheid. Ofwel “Ken U Zelf en U zult de Goden en de Wereld kennen” , zoals op de tempel van Delphi wordt toegevoegd. Jezus zegt in het Thomas-evangelie immers: “blijf een zoeker”, blijf zoeken in jezelf. Op het moment dat je meent het gevonden te hebben, stopt het zoeken, sta je stil. Dat is de dood in de pot. In het zoekproces naar “Kennisse des Harten” kan meditatie een belangrijk middel zijn. Ik heb een paar van mijn zoekrichtingen getoond en pogingen gedaan om gnosis te beschrijven, te benaderen. Maar, ik weet nog steeds niet wat een gnosticus is, laat staan, dat ik weet, of ik het een beetje ben. Misschien ben ik toch meer een agnost, omdat ik eigenlijk niet geloof, dat we iets kunnen weten over het wezen van god of van de dingen. Immers: Niets is zeker en zelfs dat niet!